Oppositie blijft aandringen op terugbetaling administratieve kost op verkeersboetes, maar stad Mechelen houdt de boot af
De discussie over de omstreden administratieve kost bovenop verkeersboetes in Mechelen lijkt voorlopig nog niet van tafel. Maandag 29 juni herhaalde oppositiepartij CD&V haar vraag aan het stadsbestuur om de extra kosten die Mechelaars de voorbije jaren bovenop hun verkeersboetes betaalden, terug te storten. Burgemeester Bart Somers bleef echter bij zijn standpunt: er is geen sprake van onwettige inning en de stad ziet dus geen reden om geld terug te betalen.
Een kost van zes euro die almaar meer stof doet opwaaien
Wie in Mechelen tussen 2023 en eind juni 2026 een GAS-boete voor een verkeersovertreding kreeg, betaalde niet alleen de standaardboete van 53 euro, maar ook een bijkomende administratieve kost van 6 euro. Die extra bijdrage werd door de stad gerechtvaardigd als een tegemoetkoming in de verwerkingskosten van dossiers. Op het eerste gezicht lijkt dat bedrag bescheiden, maar voor wie regelmatig door een flitscamera werd geregistreerd of meerdere boetes ontving, liep dat toch op. Bovendien gaat het om een principe dat verder reikt dan het bedrag zelf, zo benadrukken de critici. Intussen bleek dat Mechelen niet alleen stond in die praktijk: ook tal van andere Vlaamse steden en gemeenten rekenden gelijkaardige kosten aan, wat de kwestie van lokaal incident tot een breder maatschappelijk debat maakte.
De Vlaamse minister van Binnenland Hilde Crevits maakte vorige week een einde aan de discussie over de toekomst van die kost. Op haar vraag paste de Mechelse gemeenteraad het belastingreglement op de afgifte van administratieve stukken aan, waardoor die extra 6 euro vanaf 1 juli niet langer wordt aangerekend. Het beleid verandert dus, maar de vraag wat er moet gebeuren met de bedragen die al geïnd werden, blijft onbeantwoord.
CD&V wijst op rechterlijke uitspraak en Vlaams standpunt
Gemeenteraadslid Karl Lauwers van CD&V Mechelen laat het er niet bij. Volgens hem zijn er meer dan voldoende redenen om de reeds geïnde kosten alsnog terug te betalen aan de betrokken Mechelaars. Hij verwijst daarvoor naar een rechterlijke uitspraak die al in 2023 stelde dat dergelijke administratieve kosten bovenop GAS-boetes niet door de beugel kunnen. Bovendien maakte de Vlaamse overheid in 2024 haar standpunt hierover duidelijk kenbaar. "Zeker nu blijkt dat die extra aangerekende kosten onwettig zijn, dat een rechter zich hier al in 2023 over uitsprak en dat de Vlaamse overheid daarover in 2024 een duidelijk standpunt communiceerde, moet stad Mechelen die onwettig aangerekende kosten terugbetalen", aldus Lauwers.
Opvallend is dat CD&V hierin niet alleen staat. N-VA drong eerder al aan op terugbetaling van de administratieve kosten, waardoor een opvallend breed oppositiefront zich tegen het standpunt van het stadsbestuur keert. Toch lijkt die verenigde druk vooralsnog weinig indruk te maken op burgemeester Somers en zijn college. De oppositie benadrukt dat het niet enkel gaat om de financiële compensatie voor individuele Mechelaars, maar ook om het signaal dat een stadsbestuur moet geven wanneer blijkt dat een bepaalde praktijk de wettelijke grenzen overschrijdt.
Stad houdt voet bij stuk: geen onwettige inning, dus geen terugbetaling
Burgemeester Bart Somers verdedigde maandag opnieuw het standpunt van het college van burgemeester en schepenen. Volgens hem kan de stad niet zomaar afwijken van een beslissing die destijds door de gemeenteraad werd vastgesteld. "De bedragen die Mechelen aanrekent, zijn vastgesteld door de gemeenteraad. Ze werden niet aangevochten bij de Raad van State en door geen enkele bevoegde instantie vernietigd. De stad kan en mag daar dus niet van afwijken. Het gaat niet om onwettige kosten", klonk het.
Dat is een juridisch onderscheid dat het stadsbestuur duidelijk wil bewaken. Zolang de Raad van State of een andere bevoegde instantie de beslissing van de gemeenteraad niet heeft vernietigd, beschouwt het college de inning als legitiem. Bovendien wijst het stadsbestuur erop dat er voor een terugbetaling simpelweg geen rechtsgrond bestaat. Tegelijk erkent de stad wel impliciet dat de situatie is veranderd door het belastingreglement aan te passen, al noemt ze dat een beleidsaanpassing voor de toekomst eerder dan een erkenning van een fout uit het verleden.
Voor de gemiddelde Mechelaar die de voorbije jaren braaf die extra 6 euro betaalde, is de boodschap van het stadsbestuur niet gemakkelijk te verteren. Ondertussen blijft de vraag hangen hoeveel geld de stad in totaal heeft geïnd via die weg. Eerder becijferde inMechelen.be al dat Mechelen de komende jaren forse inkomsten verwacht uit verkeersboetes, wat de discussie over de verhouding tussen handhaving en inkomsten ook in de toekomst actueel houdt.
Wat nu?
De kans is reëel dat het debat over de terugbetaling van de administratieve kosten de komende weken op de gemeenteraad opnieuw terugkeert. CD&V en N-VA hebben er alvast hun tanden in gezet en zullen hun eis niet zomaar laten vallen. Bovendien loopt er intussen ook een bredere discussie op Vlaams niveau over de rol en de grenzen van GAS-boetes als instrument voor lokale handhaving. Of Mechelen uiteindelijk toch overstag gaat, hangt mogelijk af van verdere juridische of politieke druk vanuit Vlaanderen. Voorlopig houdt het stadsbestuur de boot af, maar de oppositie maakt duidelijk dat dit debat nog lang niet is afgesloten.