Politiek

Vlaamse rusthuizen worden steeds duurder, maar van meer personeel is weinig sprake: zo is het in de woonzorgcentra van Mechelen

TC
Thomas Claes
Redacteur Sport & Omgeving
·28 juni·zondag 28 juni 2026·4 min lezen

Vlaamse rusthuizen worden steeds duurder, maar van meer personeel is weinig sprake: zo is het in de woonzorgcentra van Mechelen

De factuur voor een verblijf in een Vlaams woonzorgcentrum loopt maand na maand verder op, maar het personeel dat voor jou of je ouder zorgt, wordt er niet evenredig meer op. Dat is de harde realiteit die cijfers van ouderenvereniging OKRA en de HLN Rusthuiswijzer blootleggen. Bijna de helft van alle Vlaamse woonzorgcentra haalt de wettelijke personeelsnormen voor verpleegkundigen niet. En ook in Mechelen is de situatie zorgwekkend dicht bij de grens. Voor heel wat gezinnen die een dierbare in een woonzorgcentrum hebben, is dit geen abstract beleidsdebat, maar een dagelijkse realiteit.

Mechelen balanceert op de grens

Mechelen telt acht woonzorgcentra, en die vormen samen een belangrijk vangnet voor de oudere bevolking van de stad. Volgens de officiële Vlaamse norm zouden die instellingen samen 106,94 voltijdse equivalenten aan verpleegkundigen moeten tellen. In de praktijk zijn er 106,48 VTE effectief aan het werk. Dat lijkt op het eerste gezicht een verwaarloosbaar verschil, maar het betekent dat Mechelen netto onder de wettelijk vereiste norm zit. Bovendien gaan achter dat globale cijfer grote onderlinge verschillen schuil tussen de individuele instellingen in de stad.

Opvallend is dat dit tekort zich voordoet op een moment dat de zorgzwaarte in de woonzorgcentra alleen maar toeneemt. Bewoners komen gemiddeld later in een woonzorgcentrum terecht dan vroeger, wat betekent dat ze bij opname al meer zorgnoden hebben. Toch groeit het personeelsbestand niet mee in dat tempo. Voor Margot Cloet, topvrouw van Zorgnet-Icuro, de koepelorganisatie van de Vlaamse gezondheids- en welzijnsorganisaties, is de conclusie dan ook duidelijk. "Ik ken geen enkel woonzorgcentrum dat te veel personeel heeft", zegt ze. Dat is een veelzeggende uitspraak, zeker als je weet dat ze de sector door en door kent.

Bovendien stijgen de kosten voor bewoners en hun families ondertussen in een hoog tempo. De gemiddelde basisprijs voor een standaardkamer in een Vlaams woonzorgcentrum heeft inmiddels de grens van 2.359 euro per maand overschreden. Ter vergelijking: het gemiddelde pensioen in ons land ligt ruim 600 euro lager. Wie zijn oude dag in een woonzorgcentrum doorbrengt, en geen aanvullend spaargeld of ondersteuning van kinderen heeft, staat voor een enorme financiële uitdaging. De combinatie van stijgende prijzen en een personeelsbezetting die amper de wettelijke minimumnorm haalt, roept terechte vragen op over wat bewoners en hun families eigenlijk krijgen voor dat geld.

Commerciële rusthuizen scoren het slechtst

Wie de Vlaamse cijfers bekijkt, ziet een opvallend patroon: net bij de commerciële woonzorgcentra, die doorgaans de hoogste dagprijzen aanrekenen, is het personeelsprobleem het grootst. In heel Vlaanderen haalt de helft van de commerciële instellingen de wettelijke norm voor verpleegkundigen niet. Tegelijk vragen ze hun bewoners wel de hoogste maandelijkse bijdrage. Dat wringt, en het wringt hard. De logica dat je voor meer geld ook meer en betere zorg krijgt, gaat in de praktijk lang niet altijd op.

De Vlaamse overheid legt elke instelling duidelijke normen op voor het aantal verpleegkundigen, zorgkundigen en medewerkers van het reactivatieteam, zoals kinesisten en animatoren. Maar normen opleggen is één ding, ze ook effectief controleren en afdwingen is een andere zaak. Intussen loopt de kloof tussen wat op papier staat en wat in de praktijk gebeurt, voor sommige instellingen steeds verder op. Voor bewoners en hun families is dit moeilijk te controleren of te vergelijken, tenzij ze beschikken over gedetailleerde en transparante informatie per instelling.

Meer personeel, maar ook een andere invulling

Zorgnet-Icuro pleit niet alleen voor méér personeel, maar ook voor een andere invulling van het zorgteam. Margot Cloet legt uit dat de huidige norm van 0,6 voltijdse equivalenten per bewoner opgetrokken moet worden naar 0,9 VTE. Dat zou neerkomen op een aanzienlijke sprong in personeelsinzet, die de sector echter al jaren als noodzakelijk beschouwt. Toch is het niet alleen een kwestie van aantallen. "We hebben ook nood aan meer psychologen, agogische functies en specialistische expertise", zegt Cloet. "Op die manier kunnen we de evoluties in de ouderenzorg beter volgen, zoals de toenemende psychische kwetsbaarheid en het stijgende aantal mensen met dementie."

Die oproep is bijzonder relevant voor Mechelen, een stad die de komende jaren net als alle andere Vlaamse steden een sterke vergrijzing zal meemaken. Het aantal ouderen met dementie of complexe psychische problemen zal alleen maar toenemen, en de huidige personeelsnormen zijn niet ontworpen om die zwaardere zorgprofielen op te vangen. Bewoners van vandaag hebben andere en complexere noden dan de bewoners van tien jaar geleden, en dat vraagt om een even ambitieuze aanpassing van het beleid.

Voor Mechelaars die nu een keuze moeten maken voor een woonzorgcentrum, voor henzelf of voor een familielid, is transparantie over personeelsbezetting en dagprijzen een absolute noodzaak. De boodschap van de sector is duidelijk: de uitdagingen zijn groot, de middelen zijn krap, maar de vraag naar kwaliteitsvolle ouderenzorg zal alleen maar toenemen. Of de Vlaamse overheid en de lokale besturen daarin voldoende en snel genoeg zullen meebewegen, zal de komende maanden en jaren een cruciale politieke keuze blijven.

#Politiek
Deel dit artikel
FacebookWhatsApp