Woonplaats bepaalt meer dan je denkt over je hart
Waar je woont, bepaalt mee hoe groot de kans is dat je een ernstige hartaandoening ontwikkelt. Dat klinkt misschien verrassend, maar nieuw onderzoek toont aan dat inwoners van de armste en sociaal meest kwetsbare Belgische gemeenten tot 57 procent meer kans hebben op slagaderverkalking dan mensen in welvarender buurten. Een nieuw digitaal dashboard, de zogenaamde ASCVD-heatmap, brengt die medische kloof nu voor het eerst geografisch in kaart. Opvallend genoeg gaan mensen in kwetsbare gemeenten ook minder snel naar de dokter, waardoor problemen vaak later worden opgespoord dan wenselijk is. De vraag dringt zich dan ook op: hoe staat Mechelen er eigenlijk voor als het gaat om toegang tot zorg en preventie?
In België leven vandaag naar schatting 750.000 mensen met een hart- of vaatziekte die het gevolg is van atherosclerose, beter bekend als slagaderverkalking. Die aandoening is goed voor maar liefst 85 procent van alle hart- en vaatziekten in ons land. Wat het extra schrijnend maakt, is dat tot 80 procent van de sterfgevallen door slagaderverkalking vermeden kan worden als er tijdig wordt ingegrepen op risicofactoren zoals roken, overgewicht en een te hoge bloeddruk. Preventie en laagdrempelige basiszorg zijn dus geen luxe, maar een absolute noodzaak. Toch slaagt niet iedereen er even gemakkelijk in om tijdig de stap naar de huisarts te zetten.
Mechelen scoort net boven provinciaal gemiddelde voor huisartsbezoeken
Uit de meest recente cijfers van het Intermutualistisch Agentschap, kortweg IMA, blijkt dat in 2023 gemiddeld 87 procent van alle Vlamingen minstens één keer contact had met een huisarts. Mechelen zit met 86 procent net iets onder dat Vlaamse gemiddelde, maar doet het tegelijk beter dan het provinciaal gemiddelde voor de provincie Antwerpen, waar slechts 85 procent van de inwoners dat jaar minstens één huisartscontact had. Bovendien gaan Mechelaars gemiddeld 6,3 keer per jaar langs bij hun huisarts, terwijl het provinciale gemiddelde op 6,0 consultaties ligt. Dat verschil lijkt klein, maar over een hele stadspopulatie bekeken vertaalt het zich naar duizenden extra zorgcontacten per jaar. Voor een stad met de sociaaleconomische diversiteit van Mechelen is dat geen vanzelfsprekend resultaat.
Toch is het gevaarlijk om te snel tevreden te zijn met die cijfers. Want achter een gemiddelde schuilen vaak grote verschillen tussen wijken en bevolkingsgroepen. In buurten waar armoede, werkloosheid of taalbarrières een grotere rol spelen, is de drempel naar de huisarts doorgaans een stuk hoger. Ondertussen weten we uit onderzoek dat mensen die minder vaak naar de dokter gaan, vaker pas in een later stadium gediagnosticeerd worden, wanneer behandeling moeilijker en duurder wordt. Preventief inzetten op die groepen is dan ook cruciaal als Mechelen de gezondheidsverschillen binnen de stad wil wegwerken.
Tandarts blijft voor velen een brug te ver
Naast de huisarts speelt ook de tandarts een belangrijke rol in de brede gezondheidszorg. Toch zijn de cijfers op dat vlak minder rooskleurig. In Mechelen had in 2024 slechts 60,1 procent van de inwoners minstens twee tandartscontacten in een periode van drie opeenvolgende kalenderjaren. Dat ligt iets lager dan het provinciaal gemiddelde van 60,9 procent voor de provincie Antwerpen. Intussen had maar liefst 23,6 procent van de Mechelaars in diezelfde periode helemaal geen enkel contact met een tandarts. Dat is een op de vier inwoners die jaren lang niet in de tandartsenstoel zit, wat zowel mondgezondheids- als bredere gezondheidsproblemen in de hand werkt. Regelmatig tandartsbezoek wordt beschouwd als een indicator voor toegang tot preventieve gezondheidszorg in het algemeen, en die indicator stelt Mechelen voor een uitdaging.
Specialist vaker geraadpleegd dan gemiddeld in de provincie
Wanneer de toegang tot de eerste lijn, bij de huisarts of tandarts, te beperkt is of te lang uitgesteld wordt, verschuift de zorg soms noodgedwongen naar de tweede lijn. Dat zijn de gespecialiseerde artsen en ziekenhuizen waar je normaal gezien pas terechtkomt na een doorverwijzing. Cardioloog Werner Budts van het UZ Leuven bevestigt dat patroon vanuit zijn dagelijkse praktijk. "We zien te vaak patiënten van middelbare leeftijd met een hartinfarct, die nooit wisten dat hun bloeddruk of cholesterol te hoog was", zegt hij. Dat zijn mensen die jarenlang buiten het zorgcircuit vielen, totdat het te laat was voor preventie. In Mechelen had in 2024 maar liefst 63 procent van de inwoners minstens één consultatie bij een arts-specialist, een cijfer dat boven het provinciaal referentiepunt voor de provincie Antwerpen ligt. Tegelijk roept dat de vraag op of dat hogere gebruik van specialistische zorg deels het gevolg is van een te beperkte doorstroom via de eerste lijn.
Burgemeester Alexander Vandersmissen reageert bezorgd maar constructief op de cijfers. "We weten dat gezondheid niet enkel een individuele keuze is, maar ook samenhangt met de omgeving waarin mensen leven en de kansen die ze krijgen. Mechelen investeert daarom al jaren in buurtgerichte zorg en laagdrempelige initiatieven, maar de cijfers tonen aan dat we die inspanningen verder moeten opdrijven." Schepen van Welzijn Gabriella De Francesco voegt daar aan toe dat de stad werk maakt van gerichte campagnes in wijken waar de zorgtoegang historisch moeilijker ligt. "Preventie begint niet in het ziekenhuis, maar in de straat, op school en in het buurthuis. Daar willen wij op inzetten."
Blik vooruit: preventie als sleutel voor een gezonder Mechelen
De ASCVD-heatmap die de medische ongelijkheid in België in kaart brengt, is meer dan een wetenschappelijke oefening. Het is een oproep aan lokale besturen, zorgverleners en beleidsmakers om de gezondheidsverschillen tussen buurten en bevolkingsgroepen serieus te nemen. Voor Mechelen betekent dat concreet: blijven investeren in wijkgezondheidscentra, het wegwerken van financiële en taalkundige drempels naar de huisarts, en extra aandacht voor groepen die nu nog buiten de radar van de preventieve zorg vallen. Bovendien zullen de komende jaren de resultaten van die inspanningen meetbaar moeten worden in de IMA-cijfers, want alleen dan is er sprake van echte vooruitgang. De gezondheid van Mechelaars mag niet langer afhangen van in welke straat ze toevallig geboren zijn.